
Pootje baden op het kleine strand omstreeks
1905. Op de achtergrond het
semafoorduin. De toen nog slanke en vrij hoge buitenvuurtoren werd
in 1920 ingekort. Om te bezuinigen op het schilderwerk maakten
tegelijkertijd helaas ook de vrolijke en frisse rood-witte banden
plaats voor een egale roodbruine kleur. |

De Rijksvishal omstreeks 1910. Het artistieke
gebouw stond in de volksmond bekend als “de hal van Lely”,
genoemd naar de minister van Waterstaat
ir. C. Lely, en werd gebouwd in de jaren 1899/1900.
Helaas werd de hal tijdens de Tweede Wereldoorlog onherstelbaar
verwoest. |

De Beurs”, centrum van Velseroord omstreeks
1910. Op dit punt kwamen de
Kanaalweg (links) en de Zeeweg (voorgrond rechts) op de Stationsweg
uit. We kijken vanaf café Van de Boogaard links in de richting van
het dorp Velsen. Van deze plek, die iets ten noorden van de huidige
De Noostraat en het Plein 1945 lag, is niets meer terug te vinden. |

Een blik in de Willemsbeekweg vanaf de
kruising met de Zeeweg omstreeks
1920. Centraal de .K. kerk van de Parochie van de H. Laurentius van
Brindisië, beter bekend als de Paterskerk. In 1909 werd de kerk als
hulpkerk van Driehuis ingezegend. De kerk met het Patronaatsgebouw e
de daarachter gelegen voormalige R.K. lagere school zullen worden
gesloopt, om plaats te maken voor woningbouw. Het ligt in de
bedoeling het markante torentje, dat eens het gezicht van Velseroord
bepaalde, te handhaven en te plaatsen op een nieuw te bouwen
kerkcentrum. |

Drukte in de kleine of Zuidersluis omstreeks
1921. Het sluizencomplex bestond toen uit twee schutsluizen, te
weten de kleine of Zuidersluis van 1876 en de nieuwe of Middensluis
van 1896. De Noordersluis werd in 1930 officieel in gebruik gesteld. |

De Trawlerkade omstreeks 1922. Ook toen was
het een tijd van economische teruggang, die vooral de haringvisserij
zwaar trof. De haringexport naar Duitsland, een van de voornaamste
afzetgebieden, stagneerde. De zeelieden-organisaties moesten zich
neerleggen bij een vermindering van de gages voor de vissers. Ter
illustratie enige cijfers. In 1919 brachten een kleine 700 loggers
met een totale bemanning van ruim 9.000 koppen 115.800.000 kg haring
tegen 31 cent per kg aan de afslag. In 1922 waren van de haringvloot
nog maar 250
schepen in bedrijf met 3.500 opvarenden en een aanvoer van
27.000.000 kg haring tegen ± 15 cent per kg! Ook in de
trawlervisserij in IJmuiden liepen de zaken slecht. De
redersvereniging verlaagde de gages met een kwart procent, hetgeen
in 1923 een staking tot gevolg had. |

Op de eerste bouwplannen van het in 1876
“geboren” dorp IJmuiden treffen
we direct al een plein aan, Het Willemsplein, genoemd naar de
opensteller van het Noordzeekanaal, Koning Willem III. Dit veel
besproken en beschreven centrum van Oud-IJmuiden werd door bruut
oorlogsgeweld ontluisterd. De plannen tot wederopbouw na de Tweede
Wereldoorlog hielden geen herstel van het oude in. We zien hier het
plein omstreeks 1925. De muziektent is een overblijfsel van het in
1913 gehouden internationale padvinderskamp te IJmuiden. Daarachter
staat de openbare lagerschool C en geheel op de achtergrond torent
het nu nog bestaande hotel Augusta boven zijn omgeving uit. |

De Amstelstraat, gezien vanaf het
Willemsplein, in de jaren twintig. Op de achtergrond de nog
ongerepte Breesaap. Het grote gebouw links is het in 1893 gebouwde
alcoholvrije zeeliedenhuis, genaamd het Koning Willemshuis, op de
hoek van de Kanaalstraat. Ook dit gebouw en zijn omgeving
overleefden de Tweede Wereldoorlog niet. |

De Wijk aan Zeeërweg omstreeks 1930. De weg is
getraceerd op het zeer oude Wijk aan Zeeërvoetpad, eens een
verbindingspad vanaf Wijk aan Zee door de Breesaap en Driehuis naar
de Heereweg of Rijksstraatweg bij Santpoort. |

De gemeentelijke watertoren van 1916 op het
grotendeels nog ongebouwde
duingebied nabij de Wijk aan Zeeërweg in de jaren dertig. Aan de
voet van de toren de in 1930 gebouwde Wilhelminaschool voor b.l.o.
In een gedeelte van dit schoolgebouw was jaren het hoofdpostkantoor
en ook nog een beschutte werkplaats gevestigd. Eind 1980 werd het
gebouw gesloopt om ruimte te maken voor het nieuwe W.F. Visserhuis. |

Halverwege de Kennemerlaan lag voor de Tweede
Wereldoorlog het Kennemerplein. Voor degenen die het hebben gekend
“een schoonheid van een plein”. Voor die schoonheid had de Duitse
bezetter geen oog. Ter wille van een goed schootsveld voor de
kanonnen werden het plein en een groot gedeelte van de omgeving
afgebroken. In het wederopbouwplan van Dudok c.s. na die oorlog kwam
op dezelfde plaats geen plein meer voor. |

Een regelmatig terugkerende bezoeker in onze
haven was het ss “Jan
Pieterszoon Coen” van de N.V. Stoomvaart Maatschappij Nederland te
Amsterdam. Deze oceaanreus werd in 1915 gebouwd, had een lengte van
521 voet, een inhoud van 11.140 BRT en een snelheid van ruim 14 mijl
en was ingericht voor 420 passagiers. Het schip is onverbrekelijk
met de geschiedenis van IJmuiden verbonden, omdat in de meidagen van
1940 getracht werd de Duitsers de toegang tot de havens en de
sluizen te beletten door onder meer de “Coen” tussen de pierhoofden
tot zinken te brengen. |